De informatiefetisjist

Ik ben in heel wat ondernemingsraden mensen van een bijzondere soort tegengekomen: de informatiefetisjist. Dat zijn – meestal – mannen die vooral alles willen weten en er een eer in leggen om alle informatie van de bestuurder boven tafel te krijgen.

Benutten informatierecht

Natuurlijk begint de medezeggenschap met het ‘mee weten’, want zonder informatie kan er niet mee gepraat worden, laat staan meebeslist. Niet voor niets beslaat het recht op informatie (organisatorisch, financieel, sociaal) een flink deel van de WOR. Aan het wettelijk recht op informatie ontbreekt het dus niet. Wel loopt een OR het risico medezeggenschap te verwarren met het volledig gebruik maken van het wettelijke recht op informatie van de bestuurder en daarover vervolgens vragen over en naar te stellen en het daarbij te laten.

Er is méér dan meeweten

Natuurlijk moet de OR goed geïnformeerd worden door de bestuurder, maar medezeggenschap is zoveel meer dan kennis opdoen over wat er aanstaande en gaande is in de onderneming. Het is de bedoeling om invloed te hebben op de belangrijke besluiten voor organisatie en personeel en met het alleen maar stellen van vragen daarover is de invloed nul. De OR maakt zich afhankelijk van de wel of niet gegeven antwoorden en zorgt er op die manier voor dat de bestuurder ‘in the lead’ is en blijft.

Kaarten voor de borst

Bestuurders tasten in het duister over wat de OR nu precies wil, en dat wordt vooral in stand gehouden door een OR die de kaarten voor de borst houdt. Zo’n OR stelt vooral vragen en absorbeert de antwoorden van de bestuurder zonder aan te geven wat ze daarvan vinden. Nee, ze stellen nog aanvullende vragen, omdat het misschien toch niet helemaal duidelijk is. Al met al een ideale situatie voor de informatiefetisjist, want die kan zich helemaal uitleven in het formuleren van nog meer aanvullende vragen. Dat de OR niet over de gewenste antwoorden nadenkt is geen probleem, want dat doen we pas als we alle antwoorden hebben.

Invloed door een mening

Invloed op de belangrijke besluiten ontstaat door als OR een mening te vormen en in het overleg met de bestuurder te bespreken. En een mening vorm je door als OR zelf na te denken over wat er anders moet, wat er zeker niet verloren mag gaan en onder welke voorwaarden de plannen van de bestuurder uitgevoerd kunnen worden. Daar zijn geen antwoorden van de bestuurder voor nodig, maar eigen meningsvorming door de OR met het vertegenwoordigen van de collega’s als basis. De OR weet wat er op de werkvloer leeft en het is vooral díe informatie die voor een informatiefetisjist het belangrijkst zou moeten zijn.

Radboud Hafkenscheid