Waarom het adviesrecht niet het beoordelingsrecht heet
Wat is het verschil tussen het vragen van een oordeel en het vragen van advies? En… verschillende vragen geven verschillende antwoorden en hebben vervolgens invloed op het medezeggenschapsproces en het eindresultaat.
Kritische opmerkingen
‘Wat vind je er van?’, dat nodigt uit tot een beoordeling. Het kost ons over het algemeen heel weinig moeite om een idee of plan te beoordelen. We vinden het ‘goed’, ‘slecht’ of ‘mwah’. Vervolgens nog paar kritische opmerkingen erachteraan en de bal ligt weer bij de ander. Jíj blijft de criticus. De ander hoort vooral kritiek en schiet al snel in de verdediging. Maar ‘Hoe zou dit beter kunnen?’ nodigt uit om mee te denken, om alternatieven te bedenken en om voorwaarden aan te geven. Daarmee neem je óók verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de oplossing, niet alleen voor de kritische blik. Beoordelen gaat snel over de persoon en de waarde van het werk. Adviseren gaat over het vraagstuk en de route vooruit.
De valkuil
In de praktijk zie ik regelmatig dat een OR neigt adviesaanvragen vooral te beoordelen. En dat de bestuurder vooral een beoordeling verwacht. Zeker als de aanvraag eindigt met de vraag om ‘een positief advies’. Maar het adviesrecht heet niet voor niets adviesrecht en geen oordeelrecht.
Advies is sturen
Adviseren gaat om het beter maken van een besluit. Een sterk advies is vaak: ja, maar wel met randvoorwaarden die de uitvoering haalbaar maken, fasering, bescherming van medewerkers, meetpunten en evaluatiemomenten. Of soms: wij adviseren om het besluit niet te nemen, omdat… Dát is sturen op kwaliteit.
Wie advies reduceert tot een oordeel, maakt medezeggenschap klein. Want dan is de OR alleen de laatste poortwachter. Terwijl de OR juist waarde toevoegt als hij vroegtijdig meedenkt over effecten, uitvoerbaarheid, draagvlak en risico’s, als realiteitscheck vanuit de werkvloer.
Een kleine verandering
Dit alles gaat niet alleen op voor adviesaanvragen. Het kan ook voor de OR behulpzaam zijn om na te denken waarover hij vragen stelt. Als de OR de achterban wil raadplegen, vervang bijvoorbeeld ‘Wat vind je ervan?’ door ‘Wat zou jij anders doen en waarom?’ Daarmee wordt de achterban gevraagd om mee te denken. Dat kan ook de OR helpen om zijn taak nog beter te vervullen.
En bestuurders… stop met het vragen om ‘positief advies’. Vraag in plaats daarvan advies over hoe het voorgenomen besluit nóg beter kan.
